Ontwikkeling dagbladenmarkt (2007)

Voor de analyse van de dagbladenmarkt is gebruik gemaakt van de oplagegegevens van Cebuco en verschillende geschreven en digitale secundaire bronnen.

 

Reconstructie zelfstandige dagbladondernemingen

Voor het verloop van het aantal huidige en verdwenen zelfstandige dagbladondernemingen in de periode 1987 tot en met 2006 zijn alle feiten met betrekking tot overnamen en fusies in een tijdbalk uitgezet. Aan de hand van deze tijdbalk zijn vervolgens jaaroverzichten opgesteld, waarin precies valt te lezen in welk jaar een bepaalde uitgever verdween of verscheen. Uitgangspunt is de situatie op 31 december: indien een uitgever zich in 1991 van de markt terugtrok, dan komt hij na 1990 niet langer in de overzichten voor. Afgezien van uitgevers is ook gekeken naar dagbladtitels en het moment waarop zij van eigenaar veranderen als gevolg van een overname of fusie. Hiermee veranderde immers ook de omvang van de zelfstandige dagbladonderneming. Door middel van kleurverschillen worden deze momentopnamen zichtbaar gemaakt. Ook hier is de stand van zaken per 31 december leidend: indien dagbladen in de loop van 1991 overgingen op een nieuwe eigenaar, dan worden zij tot 1991 bij de oude eigenaar gerekend en vanaf 1991 bij de nieuwe eigenaar.

 

Reconstructie kernkranten

Naast uitgevers en titels maken kernkranten dit jaar voor het eerst deel uit van de analyse. Wijzigingen in de samenstelling van kernkranten zijn evenals uitgevers en titels opgenomen in de jaaroverzichten. Ook hier geldt: indien een kernkrant van samenstelling wijzigde in 1991, dan geldt de nieuwe situatie vanaf 1991. Aanvullend is in een aparte tijdbalk het verloop van iedere kernkrant bijgehouden: oude en nieuwe benaming en welke dagbladtitels op enig moment deel uitmaakten van de kernkrant. Tevens is bijgehouden om wat voor soort wijziging binnen de kernkrant het precies ging: 1) het verdwijnen van een kernkrant/titel; 2) het verdwijnen van een kernkrant onder handhaving van de titel en 3) fusie van twee of meer kernkranten onder een nieuw te vormen titel

Tot één en dezelfde kernkrant behoren titels die over vrijwel dezelfde voorpagina beschikken. De reconstructie van kernkranten op basis van geschreven (secundaire) bronnen is voor alle titels, voor zover aanwezig, gecontroleerd aan de hand van de fysieke exemplaren (primaire bronnen) in de Koninklijke Bibliotheek. Dit geldt voor het aanvangsjaar 1987 en voor alle tussenliggende jaren waarin een titel betrokken was bij een verandering in de kernkrant. In de jaaroverzichten worden behalve de namen van uitgevers, kernkranten en titels ook hun aantallen bijgehouden.

 

Oplage en marktaandelen

Hiervoor is gebruik gemaakt van de Cebuco-gegevens. De vergelijkbaarheid van opeenvolgende jaren is soms lastig, omdat niet altijd even gedetailleerd is gerapporteerd. Bovendien is in 1997 sprake van een trendbreuk (ten opzichte van 1996) aangezien in dit jaar de meetmethode werd aangepast. Anders dan bij de reconstructie van uitgevers, kernkranten en titels, kon hier het jaartal 2006 niet in de vergelijking worden betrokken, aangezien opnieuw sprake was van een trendbreuk: in 2006 zijn de oplagecategorieën door HOI opnieuw gedefinieerd.

Om rekening te kunnen houden met de samenstelling van kernkranten moesten de oplagen van sommige bij Cebuco afzonderlijk geleverde titels eerst nog bij elkaar worden opgeteld, alvorens de marktaandelen konden worden berekend. In een enkel geval bleken juist weer oplagegegevens van afzonderlijke kernkranten door de uitgever zelf bij elkaar te zijn opgeteld vóór de aanlevering bij Cebuco.

Globaal zijn jaarlijks voor elke titel de categorieën ‘betaalde abonnementen’ en ‘losse verkoop’ geselecteerd. Gratis verspreiding is buiten beschouwing gelaten. Per periode ziet de samenstelling er als volgt uit:

 

1987-1993

• Betaalde en proefabonnementen (tot en met 1991 inclusief abonnementen van medewerkers)

• Losse verkoop-exemplaren

 

1994-1996

• Betaalde abonnementen en proefabonnementen

• Zaterdagabonnementen

• Losse verkoop-exemplaren

 

1997-2005

• Abonnementen

• Deelabonnementen (tot en met 2002 ‘zaterdag-abonnementen’)

• Proefabonnementen

• Losse verkoop netto

• Abonnementen voor bij dagblad(concern) betrokken personen

• Kortlopende abonnementen

• Langlopende abonnementen

• Losse verkooppunten

Bovengenoemde categorieën zijn afzonderlijk berekend voor ‘binnenland’ en ‘buitenland’. Uitgevers van specialistische en gratis dagbladen zijn in deze telling niet meegerekend. De analyse beperkt zich om praktische redenen tot de markt voor betaalde dagbladen die zes dagen per week verschijnen.

 

Overige bronnen

Bakker, P. (1990). Regionale dagbladmonopolies in Nederland. (Tijdschrift voor) Massacommunicatie 1990/2

Bakker, P. (1998). Regionale journalistiek: de pluriformiteit voorbij. Amsterdam: Het Spinhuis

Bakker, P. (2002). Persfusie en oplage-ontwikkeling in Nederland 1983 – 2001. Paper voor Etmaal van de Communicatie wetenschap, november 2002

Bakker, P. (2002). Twee decennia regionale en lokale printmedia in Nederland. Den Haag: Bedrijfsfonds voor de Pers

Bakker, P. & O. Scholten (2003, 4e druk). Communicatie kaart van Nederland. Alphen aan de Rijn: Kluwer bv

Bakker, P. (2003). The influence of mergers of regional newspapers on circulation. Presentation for the INMA research seminar, mei 2003

Bakker, P. (2004). Lokale & regionale media in Nederland. Verschuivingen in aanbod en gebruik 1981 – 2003. Den Haag: Bedrijfsfonds voor de Pers

Bedrijfsfonds voor de Pers (1990). De redactionele zelfstandigheid van dagbladen. ‘s Gravenhage: Ando

Bedrijfsfonds voor de Pers (1998). Van courantier tot strateeg. De rol van markt en manager in het krantenbedrijf. Amsterdam: Otto Cramwinckel.

Broersma, M. (2003). Tegen de trend. Regionale journalistiek in een veranderende samenleving. Meppel: Krips

Carat (2007). Mediafeitenboekje Nederland 2007.

Cebuco (2007). Verspreide oplage per titel per provincie 2005. Geraadpleegd juni 2007, http://www.oplagen-dagbladen.nl/

Cuilenburg, J.J. van, Kleinnijenhuis, J. en Ridder, J.A. de (1988). Concentratie en persklimaat. Een empirisch onderzoek naar de mogelijkheid van een persbarometer. Amsterdam: VU Uitgeverij

Memelink, R. & P. Verschuren (1989). Media-atlas van Nederland. Een kwantitatieve en kwalitatieve beschrijving en verklaring van lokale medialandschappen. Den Haag: SDU

Opta (2006). Visie op de markt en strategische agenda 2007. Geraadpleegd augustus 2006, http://www.opta.nl/download/VisieenJaarplan2007.pdf

Peeters, A., Jager, R. & N. Kalfs (2005). Wie kijkt? De meting achter de kijkcijfers. Amsterdam: Boomonderwijs, Amstelveen: Stichting KijkOnderzoek

Plasse, J. van de (2005). Kroniek van de Nederlandse dagblad- en opiniepers. Amsterdam: Otto Cramwinckel Uitgever

Ridder, J.A. de (1984). Persconcentratie in Nederland. Begripsvorming, bepaling en beschrijving. Amsterdam: VU Uitgeverij

Schütz, W. J. (2005). Redaktionelle und verlegerische Struktur der deutschen Tagespresse. Übersicht über den Stand 2004, Media Perspektiven, 5, 233-242

Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (2005). Focus op functies: uitdagingen voor een toekomstbestendig mediabeleid. Amsterdam: Amsterdam University Press

Deel deze pagina