Dagbladen in 2006

Figuur 1
Marktaandelen op de Nederlandse dagbladenmarkt

Dagbladen zijn belangrijk wanneer het gaat om opinievorming. In tegenstelling tot de radio- en televisiemarkt, geldt voor aanbieders op de dagbladenmarkt een maximum marktaandeel om te voorkomen dat een bepaalde uitgever een te dominante positie krijgt. Volgens de Tijdelijke wet mediaconcentraties (Twm) mag een uitgever die een aanbieder of titel wil overnemen, over niet meer dan 35 procent marktaandeel op de Nederlandse dagbladenmarkt beschikken. In figuur 1 is te zien dat alle uitgevers op de Nederlandse dagbladenmarkt in 2006 onder deze grens zijn gebleven.

In de Twm is het begrip ‘dagblad’ opnieuw gedefinieerd. Volgens de wet vallen alle kranten die vijf keer per week of meer verschijnen en gericht zijn op het Nederlandse publiek, onder de noemer dagblad. Er wordt daarbij geen onderscheid gemaakt tussen een gespecialiseerde krant (zoals het Agrarisch Dagblad) en een algemeen dagblad. Daarnaast tellen gratis verspreide kranten even zwaar mee als de betaalde versies.

In tabel 1 is naast de berekening van de marktaandelen volgens de Twm een berekening volgens de Mediamonitor opgenomen. Het verschil tussen beide berekeningen is dat de Mediamonitor tevens naar de verschijningsfrequentie van een dagblad kijkt, terwijl de Twm de marktaandelen baseert op de gemiddelde oplage over een kwartaal. In het geval van De Telegraaf, heeft dit tot gevolg dat de hogere verschijningsfrequentie – veroorzaakt door de zondagseditie – meegewogen wordt. Daardoor heeft De Telegraaf volgens de berekening van de Mediamonitor een groter marktaandeel dan in de berekening van de Twm.

 

Oplage

De krantenwereld in Nederland verandert sneller dan ooit. Vanaf 14 maart 2006 verschijnt nrc.next op werkdagen en in de periode vanaf september 2006 tot en met mei 2007 stijgt de oplage van Almere Vandaag van vier naar vijf keer per week. De Mediamonitor volgt jaarlijks de meest recente ontwikkelingen op de dagbladenmarkt.

De oplage van de betaalde dagbladen neemt al jaren af, waarbij in 2006 een nieuw dieptepunt wordt bereikt (tabel 1). Een groot deel van de betaalde dagbladen levert 0,1 procentpunt in. Een uitzondering betreft de dagbladen van PCM: NRC Handelsblad verliest met 0,2 procentpunt relatief gezien iets meer dat gemiddeld, maar hier tegenover staan een marktaandeel van 1 procent voor nrc.next en een lichte toename bij Trouw.

De oplage van de gratis kranten neemt verder toe en bereikt in 2006 een nieuwe recordhoogte. Met de komst van De Pers en DAG zal deze trend zich in 2007 nog duidelijker voortzetten.

Tabel 1
Nederlandse dagbladenmarkt

Naast advertentie-inkomsten genereren betaalde dagbladen omzet via abonnementen en losse verkoop. Tegelijkertijd wordt een deel van de ‘totaal verspreide, binnenlandse oplage’ gratis weggegeven. Meer dan 5 procent van de totaal verspreide binnenlandse oplage van de gezamenlijke betaalde dagbladen wordt uiteindelijk gratis verspreid (tabel 2). Met de gratis dagbladen is het aandeel van de gratis verspreide oplage 21,5 procent. Opvallend zijn de grote verschillen op dit punt tussen de betaalde dagbladen onderling. Zo kennen nrc.next, Het Parool, Cobouw en het Friesch Dagblad het grootste aandeel gratis verspreidingen: ongeveer één op de vijf exemplaren. Het valt op dat buiten de confessioneel georiënteerde dagbladen het vooral de regionale dagbladen zijn die relatief weinig gebruik maken van gratis verspreiding.

Tabel 2
Gratis verspreide dagbladen

 

Regionale markten

Een duidelijke scheiding tussen regionale markten en de landelijke markt is sinds het ontstaan van de fusiekrant AD niet meer mogelijk, omdat de oplagen voor de afzonderlijke AD-titels niet aan HOI, waarop wij ons hier baseren, worden gerapporteerd. Wel is het mogelijk om een analyse van de marktaandelen van de gezamenlijke betaalde dagbladen per provincie te maken (tabel 3).

Tabel 3
Betaalde dagbladenmarkt per provincie

Wegener heeft in vier provincies een marktaandeel van meer dan 50 procent. In Overijssel, Gelderland, Zeeland en Noord-Brabant neemt Wegener zelfs het grootste aandeel van alle dagbladen voor zijn rekening. NDC heeft zowel in Groningen, Friesland als Drenthe een aandeel van rond de 60 procent. Echter, de totale verspreide oplage van betaalde dagbladen is in deze provincies klein. AD Nieuwsmedia heeft in geen enkele provincie een aandeel groter dan 50 procent. In Utrecht en Zuid-Holland neemt deze joint venture van PCM en Wegener wel het grootste marktaandeel voor zijn rekening. De Telegraaf Media Groep heeft alleen in Noord-Holland een aandeel van meer dan 60 procent. Daarbuiten heeft deze uitgever nog een sterke marktpositie in Flevoland. Limburg wordt gedomineerd door Mecom: vier op de vijf betaalde dagbladen worden door deze nieuwe speler op de markt uitgegeven.

In figuur 2 is de concentratie van de regionale markten volgens de grootste aanbieder (C1) te zien. De concentratie in de afzonderlijke provincies is veel groter dan op landelijk niveau. De volgende redenen zijn hiervoor te noemen: allereerst zijn veel regionale dagbladen uitsluitend in één provincie te krijgen. Daarnaast worden landelijke dagbladen in sommige provincies meer gelezen, dan in andere provincies.

Figuur 2
Marktaandeel grootste uitgever in 2006

Limburg is de provincie met de meest geconcentreerde dagbladenmarkt. Zij wordt op afstand gevolgd door Noord-Brabant, Zeeland, Overijssel en Groningen. Het minst geconcentreerd zijn Utrecht, Flevoland (zonder Almere Vandaag) en Zuid-Holland.

Deel deze pagina