Webradiokanalen gericht op Nederland (2013)

Inleiding

Bestaan ze nog, de radiopiraten zoals we die in Nederland hebben gekend in het begin van de jaren ’70? Hoewel de schepen van de zeezenders al lang niet meer prominent voor de kustlijn liggen, zijn de piraten wel degelijk nog actief. Agentschap Telecom, dat onder andere is belast met het verdelen van en toezicht houden op de ether, heeft er zijn handen vol aan.[1] Het feit dat de piraterij vooral in de vakantieperiode toeneemt, onderstreept nog maar eens hoezeer het inbreken op een radiokanaal in de ether een technische liefhebberij is. Voor het verzorgen van radio-uitzendingen via het internet zijn niet veel technische benodigdheden en vaardigheden vereist. Net zoals menigeen een eigen geschreven medium heeft in de vorm van een (micro)blog of een televisiezender middels een YouTube-kanaal, zo kan een ieder ook een webradiokanaal beginnen.

Dit roept de vraag op in hoeverre de Nederlander intussen massaal achter de microfoon is gaan zitten. Bereik hebben de webradiokanalen wel degelijk. De afgelopen jaren zijn steeds meer Nederlanders radio via het internet gaan luisteren: in 2010 streamt 1 op de 3 Nederlanders een radiokanaal via de computer, smartphone, tablet of een ander (mobiel) apparaat met internettoegang (onderstaande figuur). De Nederlander lijkt daarmee in redelijk gelijke pas te lopen met de Britten, Duitsers, Italianen en Amerikanen van wie in 2011 tussen de 27 en 33 procent aangaf de thuiscomputer te gebruiken voor het luisteren naar radio. De Fransen zijn met 37 procent de meest frequente online luisteraars volgens dit onderzoek van de Britse mediatoezichthouder Ofcom.[2]

Aandeel Nederlanders dat wel eens naar radio via internet luistert

Over het aanbod aan webradiokanalen is thans betrekkelijk weinig bekend. Zo schrijven de Vlaamse [3] en Zweedse [4] mediatoezichthouder niet te weten hoeveel webradiokanalen actief zijn. De meeste onderzoeken focussen op consumentengedrag, ofwel de vraagzijde van de markt. Een uitzondering hierop is de Duitse Web Radio Monitor [5] die sinds 2006 het webradio- aanbod in eigen land in kaart brengt, dit in opdracht van de mediatoezichthouder in de deelstaat Beieren. De monitor constateert dat het aantal webradiokanalen in Duitsland in de periode tussen 2006 en 2011 is toegenomen van 450 naar 3.064 kanalen. De toename heeft met name een vlucht genomen in 2008. Daarna varieert de jaarlijkse groei van 20 procent in 2009 tot 41 procent in 2010 en 14 procent in 2011. Ondanks deze groeicijfers, staakten 650 webradiokanalen de activiteiten in 2009 en 2010.

Interessante bevindingen uit Duitsland, maar hoe zit het met de Nederlandse webradiopioniers? De Mediamonitor is op onderzoek uitgegaan en heeft in kaart gebracht waar de webradioluisteraar precies naar kan luisteren. Met het onderzoek is getracht antwoorden te formuleren op de volgende vragen. Wat is het aanbod en welke aanbieders zitten achter de kanalen? In hoeverre betreft het radiokanalen die niet via de ether worden verspreid en dus ook niet standaard door de Mediamonitor worden gevolgd? Hoe is het gesteld met de interne en externe diversiteit, oftewel: wordt het aanbod verzorgd door veel verschillende of juist door een beperkte groep aanbieders en bieden zij veelal dezelfde radioformats aan of is er juist sprake van een gefragmenteerde markt met vele nichedoelgroepen?

 

Methode

In september 2010 is een eerste inventarisatie gemaakt van het aanbod aan webradiokanalen in Nederland. Ruim een jaar later, in december 2011, is de markt opnieuw in kaart gebracht. Op basis van een willekeurig getrokken steekproef uit het overzicht met webradiokanalen is een aanvullende analyse uitgevoerd om meer inhoudelijke gegevens over de webradiokanalen te verwerven.

Voor de primaire dataverzameling is in 2010 en 2011 het aanbod aan Nederlandse webradiokanalen op verschillende portalsites in kaart gebracht. Onder een webradiokanaal wordt een dienst verstaan die, naast eventuele andere distributietechnieken, via het internet radio-uitzendingen verspreidt. De nadruk is gelegd op de kanalen die overwegend live uitzendingen streamen. Webradiokanalen die uitsluitend podcasts aanbieden of enkel op basis van een jukebox of playlist functioneren waarmee het aanbod gepersonaliseerd kan worden, zijn niet in dit onderzoek meegenomen. Of een webradiokanaal zich specifiek op Nederland richt, is bepaald op basis van de aanwezigheid van de Nederlandse taal op de website en de contactgegevens.

In 2010 en 2011 zijn 9 portalsites geraadpleegd voor de dataverzameling. Het gebruik van portalsites als uitgangpunt voor de primaire dataverzameling van webradiokanalen is een  voor de hand liggende keuze. Overzichtssites hebben een database van tientallen tot honderden webradiokanalen. Het onderzoeken van meerdere sites zal ten minste een goede indicatie opleveren van het totale aanbod.

Naast het schetsen van de omvang van de populatie webradiokanalen in Nederland, is een inhoudsanalyse uitgevoerd op basis van een steekproef. Deze steekproef van 258 webradiokanalen representeert 25 procent van de populatie. Diverse gegevens zijn vervolgens verzameld om de webradiokanalen te typeren (eigenschappen zoals de doelgroep waarop het kanaal zich richt, het verdienmodel, de aanwezigheid van informatievoorziening) en de aanbieders ervan te identificeren (het bezit van een of meerdere kanalen met of zonder FM-frequentie). In het kader van diversiteit is het radioformat geclassificeerd. Hiervoor zijn dezelfde formatbeschrijvingen gehanteerd als in het onderzoek naar radiozenders in RTVpakketten. Alle genoemde gegevens zijn uitsluitend verzameld op basis van informatie die op de websites van de webradiokanalen is te vinden. Een uitgebreidere toelichting is opgenomen in de methodische verantwoording bij dit rapport.

In de hiernavolgende paragrafen wordt achtereenvolgens ingegaan op de markt, de aanbieders, het aanbod en de inhoudelijke diversiteit van de onderzochte webradiokanalen in Nederland.

 

Markt van webradiokanalen

Inschatting van de omvang

In september 2010 zijn op de onderzochte portals in totaal 775 webradiokanalen aangetroffen. Ruim een jaar later is hiervan nog 84 procent in de lucht. Bij de overige 16 procent gaat het om webradiokanalen die zijn gestopt, kanalen met een inactieve/niet-werkende website of stream, webkanalen die onder een andere naam voortbestaan of kanalen die zijn gefuseerd. In december 2011 zijn 1046 unieke webradiokanalen aangetroffen. Daarmee neemt de populatie met ongeveer een derde toe ten opzichte van 2010. Deze toename valt niet zuiver toe te schrijven aan het verdwijnen van oude en ontstaan van nieuwe webkanalen. Om te beginnen is het aantal onderzochte portalsites uitgebreid en bleek een van de sites uit 2010 inmiddels niet meer actief. Verder is onbekend of portalsites een bepaalde systematiek hanteren voor het plaatsen of verwijderen van webradiokanalen, hetgeen kan resulteren in een vertekening van de resultaten. Zo zijn 184 webradiokanalen niet meer terug te vinden op de betreffende portal, waarvan 104 kanalen nog steeds actief zijn in 2011.

De ruim duizend webradiokanalen die in het onderzoek van 2010 en 2011 zijn opgespoord vormen dus een ondergrens van de totale populatie in Nederland. Op grond van de overlap in het aanbod van webradiokanalen op de onderzochte portals kan met voldoende zekerheid worden gesteld dat een groot deel van de Nederlandse populatie webradiokanalen met dit onderzoek in kaart is gebracht. Hierover meer in de volgende paragraaf.

 

Overlappend aanbod tussen portals

De meerderheid van de 1046 onderzochte webradiokanalen is opgenomen in het aanbod van 1 of 2 portals (figuur 2). Een minderheid van 31 procent van de webradiokanalen is op 3, 4, 5 of zelfs 6 portals te vinden. Zoals reeds vermeld zijn 184 webradiokanalen, 18 procent van de populatie, niet meer aangetroffen op een van de portalsites. Een deel hiervan is gestopt maar het overgrote deel bestaat, zonder de traffic die een portal kan genereren, zelfstandig voort in 2011.

Aandeel webradiokanalen aanwezig op portals

Voor 522 webradiokanalen geldt dat zij in de database van 2 of meer portalsites voorkomen. Dit betekent niet alleen dat hier de radiokanalen te vinden zijn die wellicht meer bekend of populair zijn, het geeft ook aan dat de portals met elkaar concurreren.

Zo overlapt het aanbod van de grootste portals, radiozenders.org en activeradio.org, verreweg het meest: 324 van de respectievelijk 468 en 431 webradiokanalen komen overeen (tabel 1). Radiostations.startpagina.nl en radionomy.com zijn met respectievelijk 90 en 168 webradiokanalen de kleinste portals en hebben, in absolute aantallen, ook de minste overlap met de andere  portals. Tussen de databases van radionomy.com en radiofm.nl is totaal geen overlap gevonden; zij vullen elkaar volledig aan.

Tabel 1. Aantal overlappende webradiokanalen tussen portals

Naam portal Activeradio.org Allradio.nl Radiostations.
startpagina.nl
Radionomy.com Radio.nl Radiofm.nl Radiozenders.org
Activeradio.org  - 195 63 7 234 186 324
Allradio.nl 195  - 57 7 174 152 138
Radiostations.startpagina.nl 63 57  - 4 37 42 45
Radionomy.com 7 7 4  - 13 0 3
Radio.nl 234 174 37 13  - 161 201
Radiofm.nl 186 152 42 0 161  - 156
Radiozenders.org 324 138 45 3 201 156  –
Totaal 468 282 90 168 352 215 431
Gemiddelde overlap* 168 143 49 6 161 139 173
Gemiddelde overlap (in procenten)** 35,9 50,8 54,2 3,4 45,9 64,8 40,1
* Gemiddelde van het aantal webkanalen op een portal dat op de overige portals voorkomt.
** Aandeel in procenten van de gemiddelde overlap ten opzichte van het totaal aantal webkanalen op een portal.

Radiofm.nl staat met 65 procent bovenaan als het gaat om het aandeel webkanalen uit de eigen database dat ook via een van de andere portals te vinden is. Hieruit kan worden opgemaakt dat de betreffende portalsite in hoge mate concurreert met de andere portals. Gemiddeld genomen zit er tussen de 35 en 55 procent overlap tussen het aanbod van een portal en dat van een of meer concurrerende portals. De toegevoegde waarde, in de zin van een uitgesproken aanbod, komt het sterkst tot uiting bij radionomy.com waarvan slechts 3 procent van het aanbod ook elders te vinden is.

 

Typen webradiokanalen

De verschillende soorten webradiokanalen zijn gesegmenteerd aan de hand van een 3 categorieën tellende typologie. Deze typologie is geïnspireerd op een bestaande indeling [6] en komt tevens overeen met de categorieën die worden gehanteerd door de eerder genoemde Web Radio Monitor in Duitsland. Het onderscheid tussen radiokanalen van een ‘traditionele’ en van een ‘webonly’ aanbieder staat centraal in de typologie (figuur 3). Onder een traditionele aanbieder wordt de eigenaar van een radiokanaal met een FM-frequentie verstaan die ook via het internet uitzendt (simultaan of met een subcast). De webonly aanbieder zendt geen radiokanalen uit via de ether, dit geschiedt enkel via het internet. In de steekproef behoort afgerond 45 procent van de radiokanalen toe aan een simulcast, 11 procent aan een subcast en 45 procent aan een webonly aanbieder. Dit onderscheid sluit nauw aan bij de focus van het onderzoek: het verschaffen van inzicht in de toegevoegde waarde van het radioaanbod op internet ten opzichte van het aanbod dat traditioneel via de ether wordt verspreid.

Drietypologie

De eerste categorie zijn de ‘simulcast’ webradiokanalen (115 kanalen). Dit zijn webradiokanalen behorend bij radiokanalen met een FM-frequentie. Voorbeelden zijn Radio 3FM van de Nederlandse Publieke Omroep, Radio 10 Gold van Talpa Media en Fresh FM van Stichting Commerciële Omroep Exploitatie Zuid-Holland. Deze categorie wordt sterk gedomineerd door de vele lokale publieke omroepen, eind 2011 telde Nederland in totaal 285 lokale publieke omroepen. [7] Deze groep maakt een groot deel uit van de categorie simulcast omdat publieke omroepen gegarandeerd zijn van een FM-frequentie van het Agentschap Telecom. Commerciële omroepen hebben die garantie niet. Het kan daarmee voorkomen dat een privé- of rechtspersoon wel een licentie heeft van het Commissariaat voor de Media voor het uitzenden van radio, maar geen toegang kan bemachtigen tot een FM-frequentie. Dit was bijvoorbeeld het geval bij KX Radio. De zender wilde in 2009 het ongeclausuleerde kavel van Arrow Classic Rock opvullen, maar bleek het betreffende kavel niet te kunnen bekostigen en is uiteindelijk op internet verder gegaan.

De webradiokanalen van de ‘traditionele’ aanbieders die enkel online zijn te beluisteren, zijn geclassificeerd in de tweede categorie (27 kanalen). Deze webradiokanalen zijn hoofdzakelijk subkanalen van bestaande merken en worden hier kortweg aangeduid met ‘subcast’. Voorbeelden zijn Radio 3FM Live, Radio 10 Gold Top 4000 of Fresh FM Dance Classics. In deze categorie komen ook enkele webradiokanalen voor van publieke omroepverenigingen zoals XNoizz van de EO, Kinderwebradio van de NTR en BNN.FM van BNN. Deze categorie radiokanalen wordt door de aanbieders ook wel aangeduid als themakanaal, of simpelweg als digitale zender.

De laatste categorie omvat de webradiokanalen die enkel via het internet uitzenden en tot een eigenaar behoren die niet in de ether actief is, de zogenoemde ‘webcast’ kanalen (116 kanalen). Deze relatief grote groep bestaat uit vele meer en minder bekende webradiokanalen: van de Vliegende vogel FM tot KX Radio (dat inmiddels als Radio 3FM themakanaal is ingelijfd) en alles daartussenin. De grote meerderheid uit deze categorie heeft geen of een beperkt aantal subkanalen.

De interactieve webradiokanalen zijn in dit onderzoek buiten beschouwing gelaten. Het betreft kanalen die uitsluitend met een playlist, jukebox of andere manier werken waarmee het aanbod op de gebruiker wordt afgestemd (gepersonaliseerd).

De hiernavolgende resultaten zijn volledig gebaseerd op verzamelde gegevens over de 258 webradiokanalen uit de steekproef en zijn op grond van de drietypologie gesegmenteerd.
 

Aanbieders van webradiokanalen

Concentratie

De grootste aanbieders van de onderzochte webradiokanalen zijn tevens de voornaamste spelers op de traditionele radiomarkt in termen van marktaandelen: de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) en Talpa Media. De NPO beschikt in totaal over 6 lineaire radiokanalen, te weten: Radio 1, Radio 2, Radio 3FM, Radio 4, Radio 5 en Radio 6. [8] Het aantal webkanalen dat bij deze 6 radiokanalen en de afzonderlijke omroepverenigingen hoort, loopt in de tientallen. Talpa Media heeft 3 lineaire radiokanalen, te weten: Radio 538, Slam!FM en Radio 10 Gold. Radio 538 en Radio 10 Gold hebben respectievelijk 6 en 5 subcasts die enkel online te beluisteren zijn.

In tabel 2 zijn de aanbieders met meer dan 1 webradiokanaal in de steekproef weergegeven. Deze top-10 van aanbieders beschikt met 53 kanalen over een aandeel van 21 procent van de kanalen uit de steekproef. Zoals gezegd zijn de NPO en Talpa Media de grootste spelers met een aandeel van respectievelijk 9 en 3 procent in de steekproef. Van de 10 aanbieders zijn er 4 enkel online actief. De zogenaamde thematische kanalen komen ook voor bij deze webonly aanbieders, zo heeft Wwzapper’s (buiten de steekproef om) in totaal 2 kanalen, K-Radio 3, Radio D.R.P 4 en KX Media 5. De laatstgenoemde is zoals gezegd vanaf 1 januari 2012 ondergebracht bij Radio 3FM en valt daarmee thans onder de categorie subcasts.

Tabel 2. Aanbieders van meerdere webradiokanalen

Naam aanbieder Aantal
kanalen
Aandeel*
1. Nederlandse Publieke Omroep (NPO) 22 8,5
2. Talpa Media 7 2,7
3. Stichting Amsterdamse Lokale en regionale Televisie- en radio Omroep (SALTO) 5 1,9
4. Stichting Commerciële Omroep Exploitatie Zuid-Holland 4 1,6
5. Telegraaf Media Groep (TMG) 4 1,6
6. K-Radio 3 1,2
7. Arrow Media Groep 2 0,8
8. KX Media 2 0,8
9. Radio D.R.P. 2 0,8
10. Wwzapper’s 2 0,8
Totaal 53 20,5
* Het aandeel is berekend op basis van de totale steekproef van 258 webradiokanalen.

De 205 aanbieders die 1 webradiokanaal bezitten maken het overgrote deel uit van de markt. Onderstaande figuur onderstreept nog eens hoe gefragmenteerd de markt is op aanbiederniveau: veel verschillende aanbieders en slechts een klein aantal generalisten met meerdere webradiokanalen.

Rang van aanbieder
 

Mogelijke verdienmodellen

Om enig inzicht te verwerven in de mogelijke inkomstenbronnen van webradiokanalen, zijn gegevens verzameld over de aanwezigheid van advertenties op de website, een webwinkel, de vermelding van een sponsor of de mogelijkheid tot het doen van een gift (tabel 3).

Tabel 3. Verdienmodellen van webradiokanalen (in procenten)

Variabele Categorie ‘traditionele’ aanbieder ‘web’ aanbieder Totaal
Simulcast Subcast Webcast Aantal Procent
Hoeveelheid inkomsten-bronnen 1 bron 58 78,6 62,1 105 61
2 bronnen 30 21,4 19 44 25,6
3 of 4 bronnen 12 18,9 23 13,4
Totaal* 100 100 100 172 100
Type inkomsten-bron Reclame 62,3 58,8 54,3 156 59,3
Sponsoring 18,8 17,6 19,6 50 19,0
Giften/ donaties 15,6 17,6 18,5 44 16,7
Webwinkel 3,2 5,9 7,6 13 4,9
Totaal* 100 100 100 263 100
Gemiddeld aantal inkomstenbronnen per webradiokanaal 1,54 1,21 1,59 1,52

* Van 86 webradiokanalen zijn geen gegevens beschikbaar. De percentages zijn berekend op basis van de 263 inkomstenbronnen die zijn aangetroffen op 172 webradiokanalen.
Voor een derde van de webradiokanalen geldt dat op basis van de website geen gegevens over de indicatoren konden worden verzameld. Het betreft 15 simulcasts, 13 subcasts en 57 webcasts. Van deze in totaal 86 kanalen zijn er 24 die enkel gestreamd kunnen worden via een portal.
Bij de overgrote meerderheid (87 procent) van de overige webradiokanalen zijn 1 of 2 mogelijke indicatoren gevonden die kunnen duiden op een bepaalde bron van inkomsten. Het gaat in de eerste plaats om de aanwezigheid van banners op de website (59 procent) die kunnen wijzen op advertentie-inkomsten. In de tweede en derde plaats zijn respectievelijk sponsorvermeldingen (19 procent) en mogelijkheden tot het doen van een donatie (17 procent) aangetroffen op de websites. Een webwinkel kwam slechts in enkele gevallen voor (5 procent).

Het hoogste aantal indicatoren van inkomstenbronnen is gemiddeld genomen aangetroffen bij de webcasts en simulcasts. Het feit dat meer indicatoren zijn aangetroffen op de websites van webcasts dan simulcasts valt te verklaren door de afwezigheid bij webonly aanbieders van inkomsten uit andere verspreidingswijzen zoals bij de traditionele aanbieders wel het geval is. Op de websites van subcasts zijn de minste indicatoren aangetroffen.

 

Eigenschappen van webradiokanalen

Taal en geografisch gebied

Ongeveer 90 procent van de subcast kanalen is aangeduid als een thematisch kanaal, dit tegenover 10 procent van zowel de simulcast als de webcast kanalen. Met een thematisch kanaal wordt een webradiokanaal bedoeld dat onder de merknaam van een hoofdkanaal opereert en zich nadrukkelijk op een specifiek muziekgenre richt. Aangezien de subcasts de online kanalen van traditionele aanbieders zijn, is het niet verrassend dat deze kanalen vaak thematisch zijn.

De taal waarin het webradiokanaal wordt omschreven op een portal of waarin wordt gecommuniceerd op de website van het kanaal zelf, is in bijna alle gevallen het Nederlands (tabel 4). Dit ligt natuurlijk voor de hand bij een populatie van Nederlandse webradiokanalen. Anders ligt het bij de webcasts. De website van een kwart van de webcasts is geheel of gedeeltelijk in het Engels of in een andere vreemde taal. De websites die zowel in het Nederlands als in het Engels informatie verschaffen zijn ingedeeld bij de kanalen die zich op een internationaal publiek (kunnen) richten. Noemenswaardig in dit verband zijn de integrale vertaalmachines die op de websites van een aantal webcasts zijn aangetroffen. De simulcast kanalen richten zich overwegend op een lokale doelgroep, dit betreft dan ook de lokale publieke omroepen. Het merendeel van de subcast en webcast kanalen maakt overigens niet expliciet op welke geografische doelgroep zij zich richten. In die gevallen is verondersteld dat ze zich op een nationaal publiek richten.

Tabel 4. Taal en geografisch gebied waarop een webradiokanaal is gericht (in procenten)

Variabele Categorie ‘traditionele’ aanbieder ‘web’ aanbieder Totaal
Simulcast Subcast Webcast Aantal Procent
Taal Nederlands 95,7 100 74,1 223 86,4
Engels* 1,7 20,7 26 10,1
Overig 2,6 5,2 9 3,5
Geografisch gebied Lokaal 78,3 9,5 101 39,1
Regionaal 8,7 14,8 3,4 18 7,0
Nationaal 10,4 85,2 62,9 108 41,9
Internationaal* 2,6 19,8 26 10,1
Geen gegevens 4,3 5 1,9
Totaal 100 100 100 258 100

* Bij 15 webcasts komt de Engels taal in combinatie met de Nederlandse taal voor. Deze webcasts zijn hier ingedeeld bij de categorie internationaal, gezien het publiek dat bereikt kan worden.

Informatievoorziening

Van de onderzochte webkanalen beschikt 85 procent over een eigen website. In de 39 gevallen van de 66 waarbij dit niet het geval is, maakt de stream van het kanaal deel uit van de website van een ander webradiokanaal (zoals bij thematische kanalen) of staat het webkanaal op een portalsite. Het niet hebben van een eigen website blijkt echter geen belemmering te zijn voor het plaatsen van tekst en advertenties in de vensters van waaruit het webkanaal kan worden beluisterd.

Driekwart van de onderzochte webradiokanalen plaatst een of meerdere typen informatie op de website of in het streamingvenster (tabel 5). In de eerste plaats gaat het om nieuwsberichten over bijvoorbeeld de regio/gemeente of over sportwedstrijden. In de tweede plaats gaat het om thematisch nieuws dat aansluit bij het muziekgenre of de (niche)doelgroep. En in de derde plaats betreft het mededelingen van huishoudelijke aard, bijvoorbeeld informatie over het eigen webradiokanaal of aankondigingen van acties.

Tabel 5. Informatievoorziening door webradiokanalen (in procenten)

Variabele Categorie ‘traditionele’ aanbieder ‘web’ aanbieder Totaal
Simulcast Subcast Webcast Aantal Procent
Hoeveelheid informatie Geen informatie 10,4 44,4 36,2 66 25,6
1 informatietype 41,7 37,0 38,8 103 39,9
2 of 3 informatietypen 47,8 18,5 25,0 89 34,5
Totaal 100 100 100 258 100
Type informatie Nieuws 48,8 9,1 13,3 97 33,1
Thematisch nieuws 12,0 27,3 32,4 60 20,5
Mededelingen 39,2 63,6 54,3 136 46,4
Totaal* 100 100 100 293 100
Gemiddeld aantal informatietypen per webradiokanaal 1,61 1,47 1,42 1,53
* De websites van 66 webradiokanalen bevatten geen informatie, de kolompercentages zijn berekend op basis van de 293 informatiebronnen die zijn aangetroffen op 192 webradiokanalen.

De nieuwsberichten komen hoofdzakelijk voor bij simulcast kanalen. Dit houdt verband met de informatiefunctie van de lokale en regionale publieke omroepen die een groot deel uitmaken van de simulcasts. De publieke mediaopdracht, zoals neergelegd in de Mediawet 2008 (artikel 2.1, lid 1a), stelt minimumeisen aan de hoeveelheid uit te zenden informatie, cultuur en educatie. Dit wordt ook wel aangeduid als de ICE-norm.

Thematisch nieuws komt meer voor bij subcasts en webcasts. Die zijn minder format-gebonden en daarmee vrijer om zich op een specifieke (niche)doelgroep toe te leggen. Alle typen webkanalen houden zich bezig met het doen van mededelingen, al komt dit bij de sub- en webcasts relatief iets vaker voor.

De webradiokanalen die geen enkele vorm van informatie plaatsen blijken hoofdzakelijk webcasts zonder eigen website te zijn. Het gaat hierbij om 43 van de 66 webradiokanalen zonder informatie.

Een ruime meerderheid van 179 webradiokanalen (64 procent) verstrekt informatie over de programmering. Deze varieert van een beknopte toelichting tot een uitgebreid uitzendschema per dag of zelfs per uur. De programmering is op vrijwel alle websites van simulcast kanalen te vinden en op een ruime meerderheid van die van de webcasts. De mogelijkheid om de uitzendingen terug te luisteren is beperkter, hier gaat het met 58 kanalen om ongeveer een kwart. Ook dit zijn relatief vaker simulcasts dan webcasts. Beide bevindingen tonen weer het verschil tussen de simulcasts waarachter grotere bedrijven zitten en de webcasts waarbij het vaak gaat om particuliere initiatieven.

Diversiteit van radioformats

Aantal webradiokanalen naar radioformat

Dat het in de markt van webradiokanalen goed gesteld is met de diversiteit van aanbieders is reeds eerder beschreven, maar hoe zit het met de inhoudelijke diversiteit van het aanbod? Wat voegen webcasts toe aan het radioaanbod dat dagelijks in de ether is te beluisteren? Ter indeling is gebruik gemaakt van de formatbeschrijvingen zoals deze door de Duitse Web Radio Monitor zijn gebruikt bij hun onderzoek naar webradiozenders (zie de methodische verantwoording voor een beschrijving van de formats).

De top-5 van de 13 radioformats waarin de 242 webkanalen zijn ingedeeld, bevat 81 procent van de webkanalen. Tabel 6 geeft voor ieder format enkele voorbeelden van webradiokanalen.

Tabel 6. Voorbeeld van een webradiokanaal per format

Radioformat ‘traditionele’ aanbieder ‘web’ aanbieder
Simulcast Subcast Webcast
Middle of the road/full service Baarn FM * Radio Centrum Rotterdam
Urban contemporary FunX Amsterdam FunX Hiphop Only 00s
Melodie/schlager Mokum Radio * Radio De Grenslanders
Adult contemporary Radio 10 Gold Radio 10 Gold Top 4000 Radio Tijdloos
Contemporary hitradio Radio 538 Radio 538 Nonstop 40 Hotradio Hits
Oldies Waterstad FM (editie Friesland / N.O.P.) Concertzender: Pop Happy Days Radio
Informatie/nieuws/discussie Radio 1 * *
Rock/album georiënteerd Arrow Classic Rock Radio Veronica Rock Radio It's Rock! Radio
Alternatief Radio Decibel 'The Original' Radio 3FM Alternative Radio Free Amsterdam
Klassiek Concertzender: Dutch Music Media IKON Musica Religiosa K-classic radio
Easy listening/beautiful music * * Candlelight Radio
Jazz Arrow Jazz FM Radio 6 Blues Frisia Jazz Radio
Country * * CW102
Overige Xnoizz Sky Radio Christmas Kinderradio.fm

* Deze categorie is niet vertegenwoordigd in de steekproef, zie ook tabel 7.

Het format ‘middle of the road’ komt, met een aandeel van 38 procent, verreweg het meest voor. Deze categorie bevat ondermeer 82 publieke radiokanalen die een full service programmering aanbieden voor een breed publiek. Bij het format hoort het presenteren van (nieuws) informatie, het voeren van debatten en een veelvuldig belcontact met luisteraars. De gecombineerde programmering van muziek en informatie heeft te maken met de eerder genoemde publieke mediaopdracht en, voor de lokale publieke en regionale omroepen, meer specifiek de ICE-norm. In de steekproef komt het format uitsluitend voor bij simulcast kanalen. De groep publieke webkanalen maakt in totaal driekwart uit van alle simulcast kanalen (tabel 7).

 

Tabel 7. Radioformat naar type webradiokanaal (in procenten)
Radioformat
‘traditionele’ aanbieder ‘web’ aanbieder Totaal
Simulcast Subcast Webcast
Middle of the road/full service 74,8 7,0 38,4
Urban contemporary 3,5 33,3 29,0 17,4
Melodie/schlager 2,6 19,0 9,1
Adult contemporary 3,5 7,4 15,0 8,7
Contemporary hitradio 3,5 18,5 8,0 7,0
Oldies 0,9 3,7 6,0 3,3
Informatie/nieuws/discussie 5,2 2,5
Rock/album georiënteerd 0,9 3,7 4,0 2,5
Alternatief 0,9 3,7 3,0 2,1
Klassiek 0,9 7,4 2,0 2,1
Easy listening/beautiful music 3,0 1,2
Jazz 0,9 3,7 1,0 1,2
Country 1,0 0,4
Overige 2,6 18,5 2,0 4,1
Totaal* 100 100 100  100
Totaal formats (aantal) 12 9 13 14
Diversiteit 0,567 0,196 0,162 0,204
*Voor 16 radiokanalen zijn geen gegevens beschikbaar, de kolompercentages zijn berekend op basis van 242 webradiokanalen.

 

De webradiokanalen die voornamelijk dance, rap, hiphop, soul of funk draaien, representeren 17 procent van het aanbod. Deze muziekgenres zijn ondergebracht in het format ‘urban  contemporary’ dat bij zowel een derde van de subcasts als bij een derde van de webcasts voorkomt.

Schlagers of andersoortige volksmuziek zijn, op een aantal simulcasts na, een specialiteit van webcasts te noemen. Het format ‘adult contemporary’ wordt eveneens veel, maar niet exclusief, door webcasts verzorgd. Dit radioformat brengt muziek ten gehore die populair is onder een doelgroep tussen de 25 en 50 jaar oud. Binnen dit format kunnen radiokanalen de nadruk leggen op bijvoorbeeld Nederlandse hits, oldies, rock of juist rustigere muziek.

De populaire radiokanalen met een jongerendoelgroep worden aangeduid met het format ‘contemporary hitradio’. Hoewel dit format onder alle typen webradiokanalen voorkomt, is het met name onder de subcasts een van de meest vertegenwoordigde formats. Net als urban contemporary en adult contemporary komt contemporary hitradio in verschillende varianten voor: met een nadruk op dance, rock, mainstream, Nederlandstalig of in een andere Europese taal.

Webradiokanalen gericht op een specifieke doelgroep zoals kinderen of een religieuze stroming zijn ondergebracht in de categorie ‘overige’.

De spreiding over de radioformats is bij de webcast kanalen aanmerkelijk evenwichtiger dan bij de simulcast kanalen waar driekwart van de kanalen als ‘middle of the road’ is geclassificeerd. De webcast kanalen kenmerken zich door formats ten gehore te brengen die, met name onder simulcast kanalen, minder populair lijken te zijn. De webradiokanalen van webonly aanbieders die enkel via het internet zijn te beluisteren, richten zich daarmee op de nichedoelgroepen die niet de volle aandacht krijgen van de FM-radiokanalen. Deze kanalen kunnen ook bijna niet anders dan zich op een bredere doelgroep richten. De advertentieinkomsten zijn van groot belang voor de eigenaren om de kosten voor een plek op de ether te kunnen financieren. De duurste (lees: ongeclausuleerde) kavels zijn in 2011 door het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie weer verlengd tot en met 2017, voor bedragen oplopend tot ruim 25 miljoen euro per stuk.

Dat de eigenaren van radiokanalen in de ether wel degelijk nichedoelgroepen proberen te bereiken, blijkt uit het aanbod aan subcast kanalen. Het aantal specifieke genres dat de subcast kanalen vertegenwoordigen ligt in verhouding tot het totale aantal subcast kanalen zeer hoog.

De diversiteit is uitgedrukt in ‘Simpson D’, een statistische waarde waarmee de mate van diversiteit uitgedrukt kan worden. Bij een waarde van 1 zijn alle formats evenredig binnen een pakket verdeeld. Bij een waarde van nagenoeg 0 is er slechts 1 format vertegenwoordigd.

 

Conclusie

Ondanks de nodige voorzichtigheid waarmee iets over de omvang van de markt kan worden gezegd, is het duidelijk dat het met naar schatting duizend webradiokanalen gaat om een aanzienlijke markt. Zeker als de omvang wordt afgezet tegen de 19 radiokanalen met een landelijke FM-frequentie die Nederland eind 2011 telde.[9] Uit de steekproef is gebleken dat slechts een vijfde van de webradiokanalen het eigendom is van een aanbieder met meerdere kanalen. Het merendeel van de aanbieders heeft dus 1 webradiokanaal. Ook dit staat in schril contrast met de zeer geconcentreerde ‘traditionele’ radiomarkt waarvan ruim 80 procent in 2011 in handen is van de grootste 3 spelers.

De aankleding van de websites van de traditionele en die van de webonly aanbieders verschilt duidelijk. De simulcast kanalen, waarachter meestal een bedrijf zit (in tegenstelling tot de webcasts waarbij het vaak gaat om een particulier initiatief) hebben doorgaans meer informatie op de website staan en beschikken over een gedetailleerde programmering die verreweg het vaakst is terug te luisteren. Zowel uit de Duitse webradiomonitor als uit de eigen inventarisatie in 2010 en 2011 blijkt dat het verloop redelijk hoog is onder de webradiokanalen. Het is echter de vraag in hoeverre dit grote verloop hinderlijk is. De snelheid waarmee een webradiokanaal weer ‘in de lucht’ kan zijn betekent ook dat het aanbod weer rap wordt aangevuld met nieuwe formats.

De fragmentatie van de markt blijkt niet alleen uit de hoeveelheid verschillende aanbieders achter de kanalen, maar ook uit de heterogeniteit van de radioformats. Webcasts laten duidelijk hun meerwaarde zien met het bedienen van specifieke doelgroepen. Met het aanbieden van radioformats als urban contemporary (onder andere dance, hiphop en soul), schlagers, oldies en alternatieve of juist rustige muziek vullen webcasts de lacunes op die bijvoorbeeld de commerciële radiokanalen met kostbare FM-frequenties laten liggen. Dat de traditionele commerciële aanbieders zich niet alleen op de brede, voor adverteerders aantrekkelijke, doelgroep richten blijkt uit de hoeveelheid subcasts. Deze kanalen opereren op internet onder de merknaam van het FM-kanaal en hebben daarmee als voordeel ten opzichte van de webcasts dat zij gebruik kunnen maken van de bekendheid en kracht van het moederkanaal.

Webcast kanalen lijken zich hoofdzakelijk op muziek te richten. De vraag is of webradiokanalen thans voldoende zijn geprofessionaliseerd om een kleinschalige redactie te kunnen opzetten en onderhouden voor het brengen van nieuws en informatie. Uit de analyse is gebleken dat er een aanzienlijk aanbod is van publieke omroepen (simulcasts) die bijdragen aan de regionale en lokale nieuwsvoorziening. Deze omroepen zijn op grond van de publieke mediaopdracht waarin de informatievoorziening is neergelegd, ingericht op het programmeren van nieuws, informatie en educatie.

1. Agentschap Telecom (23 juli 2012). Persbericht: Aanpak etherpiraten gaat in de zomer onverminderd door.
2. Ofcom (oktober 2011). Use of the internet to listen to the radio/download audio content (music tracks/ podcasts).
3. Vlaamse Regulator voor de Media (2011). Mediaconcentratie in Vlaanderen: Rapport 2011, p. 21.
4. Swedish Broadcasting Authority (2011). Media Development 2011, p. 81.
5. BLM, Goldmedia (2011). Web Radio Monitor 2011, p. 6.
6. Schorb, B. (2012). Klangraum Internet: Report des Forschungsprojektes Medienkonvergenz Monitoring zur Aneignung konvergenter Hörmedien und hörmedialer Online-Angebote durch Jugendliche zwischen 12 und 19 Jahren, p. 65.
7. Commissariaat voor de Media (2012). Jaarverslag 2011, p. 13.
8. Dit zijn alle radiokanalen, ook de kanalen die niet in de steekproef zitten.
9. Commissariaat voor de Media (juni 2012). Mediamonitor: Mediabedrijven en mediamarkten 2011, p. 78.

Deel deze pagina