Ontwikkeling radiomarkt (2006)

Eerst wordt de historische ontwikkeling beschreven, beginnend met het actief worden van de eerste commerciële radiozenders. In het kort passeren alle gebeurtenissen die beslissend zijn geweest voor de vorming van het radiolandschap van vandaag de dag de revue. Vervolgens wordt de ontwikkeling van de totale luistertijd per dag over de afgelopen 18 jaar geanalyseerd, afgezet tegen de luistertijd van de vijf grootste radiozenders. De keuze voor ‘zenders’ in plaats van ‘aanbieders’ heeft te maken met het feit dat de meeste radiozenders de afgelopen 18 jaar een keer van eigenaar zijn veranderd. Hierdoor is het minder voor de hand liggend de totale luistertijd op aanbiederniveau te beschrijven. Van de vijf grootste zenders worden de luistertijd- of marktaandelen over deze periode van 18 jaar in kaart gebracht. Ten slotte wordt, voor de toelichting van het verloop in het aantal aanbieders en zenders en de aanbiedersconcentratie (HHI), uitgeweken van de totale markt naar de landelijke markt.

 

Historisch overzicht

Historisch overzicht radiomarkt

De Nederlandse radiomarkt kent sinds 1947 twee publieke zenders, Hilversum 1 en Hilversum 2. Op de Nederlandse radiomarkt zijn tot 1988 geen legale commerciële zenders actief, aangezien dit bij de wet verboden is. Radio Veronica is in 1960 de eerste ‘zeezender’. Er wordt uitgezonden vanaf een schip gelegen voor de kust van Nederland, net buiten de territoriale  wateren, zodat de Nederlandse overheid niet in staat is hier afdoende tegen op te treden. Radio Veronica is de eerste zender met een programma dat volledig gewijd is aan popmuziek.

In augustus 1974 wordt de anti-piratenwet van kracht. Het Verdrag van Straatsburg stelt medewerking aan een zeezender strafbaar. Hiermee legt de Nederlandse overheid illegale zeezenders definitief het zwijgen op. De Publieke Omroep heeft in de tussentijd haar eigen muziekzender, Hilversum 3, gelanceerd. In 1975 en 1983 volgen respectievelijk de zenders Hilversum 4 en Hilversum 5. Nog eens twee jaar later worden de zenders hernoemd tot Radio 1 tot en met 5. Net als bij televisie geniet de Publieke Omroep ook op het gebied van radio lange tijd een monopoliepositie.

In de loop van 1988 gaan drie commerciële muziekzenders van start: in het voorjaar Cable One en Radio 10, in het najaar gevolgd door Sky Radio. Zij maken hierbij gebruik van een buitenlandse zendmachtiging. Hoewel Cable One zich in 1989 gedwongen ziet de uitzendingen te staken – het Commissariaat voor de Media verbiedt kabelexploitanten de zender nog langer door te geven – slagen de andere twee zenders er wèl in om marktaandeel op te bouwen, dankzij doorgifte via de kabel in een gestaag groeiend aantal gemeenten. Binnen het huidige radiolandschap behoren Sky Radio en Radio 10 Gold (de toevoeging stamt uit 1991) tot de langstlopende zenders.

In 1992 is Radio Noordzee Nationaal – een voorloper van het latere Noordzee FM en sinds 2005 Q Music – de eerste radiozender die beschikking krijgt over een Nederlandse zendmachtiging voor commerciële omroep. Het aantal commerciële zenders is aan het eind van dat jaar gegroeid tot negen. Muziekuitgever Arcade heeft Radio 10 Gold overgenomen en beschikt daarnaast nog over twee zenders. CLT is inmiddels actief geworden met RTL Radio. Hoewel het merendeel zich toelegt op popmuziek, bevinden zich tussen de zenders ook Concert Radio (klassieke muziek) en Eurojazz. Als gevolg van een uitspraak van de Commissie voor Beroep van het Bedrijfsleven krijgen RTL Radio, Sky Radio en Radio 10 Gold voor het eerst de beschikking over een kleine hoeveelheid ‘restfrequenties’ voor FM-ether met een relatief laag vermogen. Dergelijke frequenties zijn een belangrijk middel om het bereik onder luisteraars te vergroten.

In 1994 krijgen Classic FM en Radio Noordzee Nationaal FM-etherfrequenties ten koste van RTLRadio, Sky Radio en Radio 10 Gold. Sky Radio en Radio 538 slagen er echter in frequenties af te dwingen via een rechtzaak bij de Commissie voor Beroep van het Bedrijfsleven. Endemol kooptde AM-frequentie van Holland FM ten behoeve van Veronica, dat in september 1995 als commerciële omroep verder gaat onder de Holland Media Groep. Een van overheidswege voor nieuws gereserveerde AM-frequentie wordt toegewezen aan het programma Veronica Nieuwsradio, dat driekwart jaar later al weer failliet gaat. Via Talkradio ontstaat eind jaren negentig alsnog een commerciële concurrent voor het publieke Radio 1 in de vorm van BNR Nieuwsradio.

In 1997 vindt opnieuw een tijdelijke frequentieverdeling plaats. Ditmaal worden ook Hitradio Veronica, Radio 10 Gold en JazzRadio tot de FM-ether toegelaten. In de tweede helft van de jaren negentig groeit de groep commerciële zenders aanzienlijk vergeleken met het aanbod van de landelijke publieke omroep. Daar staat echter tegenover, dat slechts enkele commerciële zenders er in de loop der tijd in slagen een marktpositie van enige betekenis op te bouwen. Dat de doorgifte van een groot aantal zenders, zoals Love Radio, Kink FM, Country FM en Colorful Radio, is beperkt tot de kabel, speelt hierbij een rol van betekenis.

De voor 2001 beoogde veiling van etherfrequenties vindt uiteindelijk plaats in juni 2003. De veiling heeft echter slechts geringe invloed op het aantal radiozenders. Een groot aantal specialistische zenders verdwijnt weliswaar definitief, maar anderzijds versterken bestaande partijen hun positie met nieuwe zenders als RTL FM en Arrow Jazz FM. Internetzender Juize FM en lokale migrantenzender FunX groeien in de loop van 2005 naar een landelijk bereik.

 

Ontwikkeling totale luistertijd

De totale luistertijd neemt in de periode van 1987 tot 2005 minder sterk toe dan de totale kijktijd. Bovendien vertoont de trend een grilliger verloop. In 1987 bedroeg de totale luistertijd gemiddeld 170 minuten per dag; in 2005 is dit opgelopen naar 185 minuten. Het hoogste gemiddelde bevindt zich hier echter buiten: in 2004, het jaar na de frequentieverdeling, bedraagt de totale luistertijd maar liefst 192 minuten. Anders dan bij televisie heeft de komst van commerciële omroep bij de radiozenders slechts heel geleidelijk een uitbreiding van de luistertijd met zich meegebracht.

Luistertijd in minuten per dag

Bij de ontwikkeling van de luistertijd op zenderniveau valt op dat er een behoorlijk verschil is tussen de overzichtelijke beginsituatie in 1987 en het jaar 2005, waarin de publieke en commerciële zenders steeds dichter naar elkaar zijn toe gekropen. In 1987 zijn Radio 2 en 3FM nog de belangrijkste zenders: bij elkaar opgeteld wordt er gemiddeld zo’n 125 minuten per dag naar deze zenders geluisterd. In de periode 1989 – 1996 begint dit echter behoorlijk terug te lopen; alleen 3FM levert al een uur van zijn luistertijd in. In de daaropvolgende jaren zet de daling voort, zij het in een minder drastisch tempo. In 2005 luistert de Nederlander gemiddeld iets meer dan 12 minuten per dag naar 3FM. Ook Radio 2 verliest luistertijd aan de concurrentie, maar bij deze zender stopt de daling al in 1994. Sindsdien is Radio 2 erin geslaagd het tij te keren en neemt de luistertijd weer gestaag toe. In 2002 lukt het zelfs om 3FM voorbij te streven. Momenteel ligt de luistertijd van Radio 2 op een gemiddelde van ongeveer 20 minuten per dag.

De commerciële zenders die in de loop der jaren noemenswaardig en blijvend profiteren van de afgenomen luistertijd bij de publieke zenders, zijn Sky Radio en Radio 538. De luistertijd van Sky Radio groeit aanvankelijk in de periode 1989 – 1993 uit tot ongeveer een kwartier per dag. Vanaf 1996 tot en met 1999 slaagt de zender erin dit te verdubbelen. Een belangrijk jaar in dit opzicht is 1995, wanneer Sky Radio er samen met Radio 538 in slaagt FM-frequenties via de rechter af te dwingen en zo een groter bereik weet te realiseren. Sinds 2000 is de gemiddelde luistertijd echter teruggelopen tot onder de 20 minuten. In 2004 werd Sky Radio ingehaald door Radio 2. Anders loopt het met Radio 538, die vanaf 1992 de luistertijd gestaag ziet toenemen naar ongeveer 12 minuten per dag in 1996. In de periode 2000 – 2005 vertoont de zender een onverwachtse groeispurt. De Nederlander luistert in 2005 gemiddeld ruim 21 minuten naar Radio 538. Dit is een derde meer dan naar 3FM.

Afgezien van de commerciële zenders zijn Nederlanders steeds meer gaan luisteren naar de regionale publieke omroepen. Tot 1994 is hun aandeel in de luistertijd vervijfvoudigd. In de periode daarna stabiliseert dit zich rond de 27 minuten per dag. In 2005 wordt gemiddeld bijna net zo veel naar deze zenders geluisterd, als naar Radio 2 en 3FM samen.

 

Luistertijdaandelen

De verdeling van de luistertijd over de totale radiomarkt heeft zich net zo ingrijpend gewijzigd als bij televisie. Tot 1990 heeft de Publieke Omroep feitelijk een monopolie. De categorie ‘overige’ bestaat naast Radio 1, Radio 4 en Radio 5 alleen nog uit een beperkte groep buitenlandse radiozenders.

Luistertijdaandelen op de totale radiomarkt

Vanaf 1990 gaan de marktaandelen van de commerciële zenders, gebaseerd op de verdeling van de luistertijd, een steeds grotere rol spelen. Het gezamenlijke marktaandeel van Radio 2 en 3FM daalt het sterkst in de periode 1990 – 1996. Vanaf 1997 lijkt het gezamenlijke marktaandeel van  deze zenders zich te stabiliseren rond de 20 procent. Bij de commerciële zenders ontwikkelt eerst Sky Radio zich tot de grootste commerciële zenders, met op haar hoogtepunt een marktaandeel van ruim 16 procent in 1999. Hierna neemt het marktaandeel steeds iets af en wordt de zender in 2004 voorbijgestreefd door Radio 538. Tot op heden zijn Sky Radio en Radio 538 de voornaamste concurrenten van de popmuziekzenders van de landelijke Publieke Omroep, samen met de regionale publieke omroepen. Deze laatste groep slaagt er sinds 1992 in een marktaandeel van ongeveer 15 procent vast te houden (gemiddelde van 13 omroepen). Niet te verwaarlozen is de groep ‘overige zenders’, die sinds 2002 weer in opmars is. In 2005 neemt deze groep ruim 40 procent marktaandeel voor haar rekening.

 

Concentratie op de landelijke radiomarkt

Ook bij radio is het verloop van het aantal zenders ofwel de zenderconcentratie in de afgelopen 18 jaar gewijzigd. Sinds commerciële omroep door de overheid wordt toegestaan, is het aantal landelijke radiozenders met een Nederlandse zendmachtiging in 2005 ten opzichte van 1992 met een derde gegroeid. Tot de piekjaren behoren 1998 en 1999. Destijds waren er 23 zenders met een landelijk gericht programma actief. Het aantal zenders groeit het hardst in de periode 1990 – 1992 en 1993 – 1998. In de eerste groeifase betreft het overwegend zenders die gebruik maken van een Italiaanse (Radio 10 Gold) of Britse zendmachtiging (Sky Radio). De tweede fase trekt vooral veel zenders die zich richten op een bepaalde niche in de markt, zoals New Dance Radio, Veronica Nieuwsradio en Arrow Classic Rock. Vanaf 1998 treedt hier geleidelijk stabilisatie op.

Aantal aanbiederszenders op de landelijke radiomarkt

De toename van het aantal zenders hangt niet alleen samen met het toestaan van commerciële radio-omroep, maar bijvoorbeeld ook met de steeds bredere beschikbaarheid van FM-etherfrequenties voor deze groep. Na tijdelijke verdelingen in 1992, 1994 en 1997 volgt in 2003 een definitieve veiling van negen FM-frequentiekavels. Vijf van deze kavels hebben een van overheidswege opgelegd format, bijvoorbeeld nieuws of Nederlands product. Het valt op dat in de aanloop naar de frequentieverdeling en tevens daarna het aantal aanbieders steeds verder is teruggelopen. Op het hoogtepunt in 2000 waren er zestien aanbieders op de radiomarkt. Anno 2006 bestaat het Nederlandse radiolandschap uit een totaal van negentien op Nederland gerichte televisiezenders van negen omroeporganisaties.De aanbiedersconcentratie van de landelijke radiomarkt wordt gemeten met behulp van de Herfindahl-Hirschman Index (HHI). De markt is beperkt tot aanbieders met een of meer landelijke radiozenders waarvan het programma zich nadrukkelijk richt op het Nederlandse luisterpubliek. Regionale publieke omroepen, niet-landelijke commerciële omroepen en buitenlandse zenders zijn hiervan uitgesloten.Ook op de radiomarkt neemt de concentratie (HHI) meteen duidelijk af, vanaf het moment dat commerciële omroepen de landelijke radiomarkt betreden en de Publieke Omroep niet langer over een monopoliepositie beschikt (figuur 5 (11)). Dit lijkt op het eerste gezicht een geleidelijke ontwikkeling, maar de nieuwkomers Sky Radio en Radio 10 Gold zijn in eerste instantie niet over de gehele periode gemeten. Vanaf 1990 worden steeds meer commerciële zenders opgenomen in het Continu Luisteronderzoek. In de periode 1990 – 1997 daalt de HHI van 0.90 naar 0.25. Toetreding van steeds meer concurrenten leidt op de radiomarkt tot deconcentratie. In de daaropvolgende fase lijkt de HHI zich uiteindelijk te stabiliseren rond 0.25. Ook de markt voor landelijke radiozenders is volgens de geldende definitie – groter of gelijk aan 0.18 – nog altijd sterk geconcentreerd.
Aanbiedersconcentratie op de landelijke radiomarkt
Het teruglopen van het aantal aanbieders bij een gelijkblijvend aantal zenders heeft geen gevolgen voor de HHI, omdat de marktaandelen bij radiozenders gelijkmatiger zijn verdeeld over de verschillende partijen dan op de televisiemarkt het geval is.

Deel deze pagina