Het videoaanbod van Nederlandse nieuwssites (2013)

Inleiding

Nieuws op het internet is vooral actueel en kort, zo blijkt uit een analyse van de Mediamonitor uit 2009. De basis van een nieuwsbericht vormt de tekst waarin melding wordt gemaakt van een gebeurtenis. Naast deze tekst maken nieuwssites ter duiding van deze gebeurtenis al langer gebruik van aanvullend materiaal zoals foto’s en illustraties. Tegelijkertijd blijkt een nieuwe trend op nieuwssites gaande te zijn: het gebruik van video’s. In 2010 toont een analyse van nieuwsvideo’s in 50 landen aan dat dagbladen zich niet meer alleen met print bezig houden, maar ook met het ontwikkelen van video’s.[1] Vergeleken met omroepen gebruiken en publiceren dagbladen meer, maar kortere video’s op een regelmatigere basis.

Onderzoek naar de inzet van videomateriaal in combinatie met online nieuwsberichten is nog zeldzaam. Een uitzondering hierop vormt een analyse van nieuwsvideo’s op Duitse dag- en weekbladsites uit 2008.[2] Een conclusie was dat het plaatsen van video’s steeds belangrijker is geworden. Naar voren kwam ook dat meer dan de helft van de sites met video’s uitsluitend gebruik maakt van externe producties; slechts 1 op de 10 sites stelt uitsluitend eigen producties ter beschikking.

In 2006 schreef Laurens Lammers een bijdrage over het toenemende belang van eigen geproduceerd videonieuws op dagbladwebsites. Hij merkte toen op dat met name in Nederland dit aanbod beperkt blijft. Zo komen ook het beroep van videojournalist en het specialisme videojournalistiek enkel voor in Belgische of Duitse bronnen.[3] Veel is er niet veranderd. Van Kerkhoven concludeert op basis van een vragenlijst onder 9 regionale kranten die hij in 2010 verspreidde, dat ongeveer de helft van de kranten het maken van journalistieke videoproducties in de ijskast heeft gezet.[4]

Anders dan in Nederland, produceren Duitse kranten en weekbladen televisieprogramma’s die ook op de grote landelijke zenders wekelijks een miljoenenpubliek bereiken, zoals Spiegel tv, Stern tv en Süddeutsche Zeitung tv. Noemenswaardig is in deze samenhang ook het initiatief van de Duitse uitgever Springer die voor Bild vroegtijdig een internetstrategie heeft ontwikkeld, waarbij multimediale ‘storytelling’ centraal staat. Dat betekent onder meer dat bij de belangrijkste bijdragen altijd een video hoort en dat lezers worden opgeroepen om actuele video’s op te sturen naar de redactie. Dat Nederlandse dagbladen minder ervaring met videoproductie hebben, wordt bevestigd door een onderzoek van Van Kerkhoven en Bakker dat laat zien dat het maken van eigen videoproducties in Nederland nog in een pril stadium is. Wel bestaat bij de redacties de gedachte dat lezers video’s verwachten op de websites.[5] Het gevolg hiervan zou kunnen zijn dat de redacties op hun websites wel ruimte vrijmaken voor video’s, maar de video’s niet in eigen beheer produceren.

Tot nu toe is nog niet systematisch nagegaan in hoeverre websites van dagbladen en andere nieuwssites naast nieuwsberichten ook nieuwsvideo’s aanbieden. De Mediamonitor brengt met dit onderzoek het online videoaanbod van Nederlandse nieuwssites in kaart.[6]

 

Methode

Het hier gepresenteerde onderzoek biedt een overzicht van het totale aanbod aan video’s op de websites van nieuwstitels op een willekeurige dag. Net als bij voorgaande onderzoeken van de Mediamonitor waarbij nieuws centraal stond, wordt een brede definitie van de term ‘nieuws’ aangehouden: nieuws is actueel, universeel, professioneel bewerkt en op alle Nederlanders gericht. Met ‘universeel’ wordt bedoeld dat alle onderwerpen op grond van actualiteit kans maken om geselecteerd te worden. Het begrip ‘actueel’ heeft de Mediamonitor in het verleden op verschillende manieren gedefinieerd, afhankelijk van het soort onderzoek. In dit geval gaat het om het aanbod op nieuwswebsites, waarbij een hogere frequentie van verversing meer gangbaar is dan wanneer een analyse wordt gedaan van opiniebladen. Er is daarom gekozen voor een minimale actualisering van eenmaal per dag.

De nieuwstitels die door de Mediamonitor bij het onderzoek in 2009 werden gevolgd, zijn hier als uitgangspunt gebruikt. Dit zijn websites van landelijke en regionale, gratis en betaalde dagbladen, van landelijke omroepen, van opinietijdschriften en van webonly nieuwsdiensten. Op 19 januari is bepaald welke nieuwssites aan de gestelde criteria voldoen. Titels zijn buitengesloten omdat er vooral nieuws vanuit een bepaald thema of regio wordt aangeboden,omdat er niet minstens 1 keer per 24 uur een video wordt geplaatst, omdat video’s slechts een aantal uur zijn terug te kijken of omdat er überhaupt geen video’s aanwezig zijn.

Nieuwstitels die aan alle criteria voldoen, maar die niet systematisch en slechts incidenteel gebruik maken van nieuwsvideo’s, zijn niet meegenomen bij de analyse. Dit geldt voor de websites van NRCNext, de Leeuwarder Courant, Sp!ts en Elsevier, waar op de bewuste dag binnen 24 uur niet meer dan 2 video’s zijn gepubliceerd.

Alle nieuwsvideo’s die op een van de geselecteerde websites binnen 24 uur zijn verschenen, zijn geanalyseerd. Als onderzoeksperiode is gekozen voor donderdag 1 maart 2012. Op deze willekeurige dag vonden geen grootschalige evenementen, rampen of andere gebeurtenissen plaats die de nieuwsberichtgeving dusdanig konden beïnvloeden dat er voor ander nieuws weinig ruimte meer was. Meerdere malen zijn alle websites nagelopen op de toevoeging van nieuwe video’s. Op de onderzochte titels zijn gezamenlijk 365 nieuwsvideo’s geplaatst. Per video zijn aspecten als plaatsing op de website, onderwerp, lengte, tijd van publicatie, herkomst, brongebruik en gebruik van reclame gecodeerd. Bestaande video’s zijn op een later moment niet meer gecontroleerd op eventuele aanpassingen op een van deze kenmerken.

 

De aanbieders van nieuwsvideo’s

Het aanbod van nieuwsvideo’s is op verschillende niveaus inzichtelijk te maken. Zo kan bekeken worden hoeveel video’s een bepaalde uitgever of nieuwstitel verspreidt, maar ook om wat voor video’s het gaat. Hieronder zal eerst ingegaan worden op het aanbod vanuit de aanbieder. Vervolgens zal steeds verder ingezoomd worden op eerst de nieuwstitel en later de video.

 

Algemeen

In totaal voldoen op 1 maart 2012 19 nieuwstitels van 11 aanbieders aan de gestelde criteria (tabel 1). Deze 19 titels zijn op te splitsen in 15 nieuwstitels behorend bij een dagblad, 2 titels behorend bij een omroep en 2 webonly titels. Gezamenlijk hebben zij op de geselecteerde dag 365 video’s gepubliceerd.

Tabel 1. Aanbod nieuwsvideo’s per aanbieder

Aanbieder (gerangschikt naar aandeel video’s) Aantal nieuwstitels Oorspronkelijk mediumtype Aantal video’s Aandeel t.o.v. alle video’s (in procenten)
Nederlandse Publieke Omroep (NPO) 1 Omroep 84 23,0
Mecom 6 Dagblad 75 20,6
De Persgroep 4 Dagblad 63 17,3
Bertelsmann 1 Omroep 33 9,0
Sanoma Group 1 Internet 21 5,8
Metro 1 Dagblad 18 4,9
Telegraaf Media Groep (TMG) 1 Dagblad 17 4,7
Mountain Media 1 Dagblad 15 4,1
Erdee Media Groep 1 Dagblad 14 3,8
Novum 1 Internet 13 3,6
Lux Media 1 Dagblad 12 3,3
Totaal 19 365 100

Alle grote aanbieders van nieuwsdiensten in Nederland beschikken over minimaal 1 online titel met video’s. Meer dan de helft van deze titels wordt door Mecom en De Persgroep aangeboden. Bij De Persgroep heeft elk dagblad dat de uitgever uitbrengt een eigen website met daarop ruimte voor video’s. Bij Mecom zijn op de website van het Brabants Dagblad en op de gezamenlijke website van Dagblad De Limburger en Limburgs Dagblad geen video’s aangetroffen.

De top-3 van aanbieders wordt naast deze 2 dagbladuitgevers gevormd door een website van de Nederlandse Publieke Omroep: nos.nl/nieuws. Op deze website zijn de meeste video’s te vinden, namelijk 84. Gezamenlijk bieden deze 3 aanbieders meer dan 60 procent van het totale aanbod.

De Persgroep en Mecom zijn de enige aanbieders die meer dan 1 nieuwstitel met online video’s uitgeven. Om na te gaan wat de strategie van deze uitgevers is, is er gesproken met de hoofdredacteur van ad.nl en met de coördinator van de internetredactie van BN/De Stem. In de gesprekken is vooral aandacht besteed aan het gezamenlijke gebruik van video’s binnen een uitgever.[7]

Elk van de door Mecom’s Wegener uitgegeven dagbladen heeft een zelfstandige internetredactie voor de homepage en de regionale berichtgeving. Bij BN/De Stem wordt de inhoud van de regionale pagina’s met name ingevuld door freelancers, het Fotobureau, Omroep Brabant en eigen verslaggevers. Voor de secties op de website die algemeen nieuws bieden (de binnen- en buitenlandpagina’s), bestaat er een centrale internetredactie van Wegener in Nijmegen. Deze redactie is verantwoordelijk voor alle nieuwswebsites die onder Wegener vallen en onderhoudt onder meer een contract met ANP voor de levering van nieuwsberichten en -video’s.

Bij De Persgroep werkt de selectie van nieuwsvideo’s anders dan bij Wegener. Op de redactie van ad.nl is een nieuwscoördinator verantwoordelijk voor de selectie van de nieuwsvideo’s. Deze video’s worden geleverd via feeds van bijvoorbeeld ANP. Daarnaast zijn redacteurs actief op zoek naar nieuwsvideo’s om deze bij nieuwsberichten te plaatsen. Vaak worden hier video’s van YouTube voor gebruikt. De internetredactie zelf is verantwoordelijk voor de vorm en hoeveelheid video’s die per dag beschikbaar worden gesteld op de website. Het videogedeelte dat op de websites van het AD te vinden is, wordt door de redactie zelf onderhouden.

Bereik

Het aantal video’s per nieuwstitel loopt uiteen van minimaal 10 tot maximaal 84 video’s (tabel 2). Er zijn geen openbare gegevens bekend over het gebruik van deze video’s, maar wel over het bereik van de nieuwstitels in het algemeen. Dit kan een indicatie zijn voor het bezoek aan de videopagina’s.

Tabel 2. Gemiddeld maandbereik online nieuwstitels

Aanbieder (gerangschikt naar aantal video's) Nieuwstitel Bereik (in procenten) Aantal video’s
NPO nos.nl/nieuws 30,9* 84
Bertelsmann rtlnieuws.nl 8,6* 33
De Persgroep ad.nl 21,7 22
vk.nl 11,3 15
trouw.nl 4,4 15
parool.nl 3,0 11
Sanoma Group nu.nl 39,3 21
Metro metronieuws.nl n.b. 18
TMG telegraaf.nl 28,6 17
Mountain Media depers.nl 4,2 15
Erdee Media Groep rd.nl 1,9 14
Mecom bndestem.nl 4,6 14
tctubantia.nl 1,8 14
destentor.nl 5,5 13
pzc.nl 1,7 13
gelderlander.nl 4,9 11
ed.nl 2,9 10
Novum nieuws.nl 2,4 13
Lux Media nrc.nl 7,4 12
Totaal 365

STIR webmeter 13 jaar en ouder, peildatum maart 2012

* Bij de websites van NOS en RTL geeft het bereikcijfer weer wat het bereik is van respectievelijk nos.nl en rtl.nl. De onderzochte pagina’s zijn slechts een onderdeel van de gehele site.

Van de gemeten websites heeft nu.nl het grootste maandbereik met 39,3 procent. Naast deze titel zijn er nog 4 titels die in maart 2012 eveneens meer dan 10 procent van de bevolking weten te bereiken: nos.nl, telegraaf.nl, ad.nl en vk.nl. De titels in deze top-5 komen overeen met de websites die de meeste online video’s aanbieden.

Plaatsing

Op de website van een nieuwstitel is soms niet in een oogopslag duidelijk waar de video’s te vinden zijn. Ze kunnen op verschillende manieren beschikbaar worden gesteld: bijvoorbeeld aanvullend op de pagina van een bepaald nieuwsbericht of in de vorm van een zelfstandige video in een apart voor video’s ingericht deel van de website. Daarnaast kan het ook voorkomen dat dezelfde video zowel bij een nieuwsbericht verschijnt als in een catalogus te vinden is. Toch blijkt in de praktijk dat er bij 15 van de 19 nieuwstitels voor gekozen wordt om de video slechts op 1 plek aan te bieden.

Plaatsing video

De nieuwstitels die onder de uitgeversgroep van Wegener vallen (bndestem.nl, stentor.nl, ed.nl, gelderlander.nl, pzc.nl, tctubantia.nl) en nrc.nl en rd.nl stellen op hun websites geen apart videogedeelte voor universeel nieuws beschikbaar: alle video’s die op de websites te vinden zijn, horen bij een nieuwsbericht. De 4 titels van De Persgroep beschikken juist wel over een apart videogedeelte, waarbij parool.nl, trouw.nl en vk.nl alle video’s in dit deel plaatsen. Ad.nl is de enige titel van De Persgroep die naast het gebruik van de videocatalogus tevens een aantal video’s alleen als aanvulling bij een nieuwsbericht gebruikt.

Ook metronieuws.nl en de 2 webonly diensten nieuws.nl en nu.nl laten video’s alleen in een videogedeelte zien. Bij de 4 overige titels is ervoor gekozen om een aantal video’s zowel in een apart deel op de website te plaatsen als bij een nieuwsbericht. In die gevallen staat de video dus tweemaal op de website. De website van Dagblad De Telegraaf heeft hierbij het grootste aandeel van 59 procent. NOS Journaal en RTL Nieuws hebben aandelen van respectievelijk 35 en 18 procent.

 

Het aanbod aan nieuwsvideo’s

Verloop

Het nieuwsonderzoek dat de Mediamonitor in 2009 heeft uitgebracht, toont een bepaald verloop van de uitgifte van nieuwsberichten gedurende een dag. Piekmomenten die destijds zijn gesignaleerd, zijn ook te zien bij dit onderzoek naar de aanwezigheid van online video’s.

De figuur geeft het aantal toegevoegde video’s per uur weer, zoals deze op 1 maart 2012 op de websites van de verschillende nieuwstitels zijn aangetroffen.[8] De eerste golf komt vanaf 6 uur ’s ochtends op gang. Tussen 6 en 8 worden er in totaal 69 nieuwe video’s geplaatst. Vervolgens is er sprake van een lichte daling, waarna er tussen 10 en 12 nog eens 84 nieuwe video’s online komen. Aan het begin van de middag neemt de toename af, met een dieptepunt tussen 16 en 17 uur. In de avond volgt tweemaal een lichte toename: tussen 17 en 18 uur en tussen 22 en 23 uur.

Aantal nieuwe videos per uur

Wanneer een onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende titels, valt op dat de website van het NOS Journaal nagenoeg elk uur een of meerdere video’s online plaatst. Deze website is tevens een van de weinige waar ’s avonds na 20 uur ook nog video’s worden toegevoegd. Titels waarbij eveneens sprake is van een redelijk gelijke spreiding over de dag, zijn onder meer ad.nl, rd.nl en de titels behorende bij de gratis verspreide dagbladen Metro en De Pers.

 

Omvang

De totale omvang van de video’s wordt niet alleen bepaald door het aantal video’s, maar ook door de lengte ervan. De 365 video’s die op 1 maart 2012 zijn gepubliceerd zorgen gezamenlijk voor een gemiddelde duur van ongeveer 2 minuten (tabel 3). Dit betekent in totaal iets meer dan een half uur actueel videoaanbod per site.

Tabel 3. Aantal video´s, gemiddelde duur en totale duur van alle video´s per nieuwstitel

Aanbieder (gerangschikt naar totale duur) Nieuwstitel Aantal video’s Gemiddelde duur per video (in seconden) Totale duur alle video’s (in minuten)
NPO nos.nl/nieuws 84 131 183
Bertelsmann rtlnieuws.nl 33 137 75
De Persgroep ad.nl 22 148 54
vk.nl 15 112 28
trouw.nl 15 103 26
parool.nl 11 101 18
Lux Media nrc.nl 12 196 39
Mecom tctubantia.nl 14 142 33
bndestem.nl 14 132 31
destentor.nl 13 111 24
pzc.nl 13 112 24
ed.nl 10 131 22
gelderlander.nl 11 105 19
TMG telegraaf.nl 17 85 24
Metro metronieuws.nl 18 69 21
Mountain Media depers.nl 15 64 16
Sanoma Group nu.nl 21 46 16
Novum nieuws.nl 13 61 13
Erdee Media Groep rd.nl 14 49 11
Totaal 365 112 679

De titels met de meeste video’s zijn de websites van NOS Journaal en RTL Nieuws, met respectievelijk 84 en 33 geplaatste video’s. Een video duurt bij nos.nl/nieuws gemiddeld 131 seconden; dit leidt tot een totaal van ruim 3 uur aan videomateriaal. Bij rtlnieuws.nl is een nieuwsvideo gemiddeld iets langer: 137 seconden. Op 1 maart heeft deze titel 75 minuten aan video’s op de website geplaatst. Op de derde positie volgt ad.nl met 22 video’s en iets minder dan 1 uur bewegend nieuwsaanbod.

Nu.nl biedt met 21 nieuwe video’s relatief veel video’s aan, maar met 46 seconden per video zijn het gemiddeld de kortste van alle sites. Dit resultaat past bij het concept van nu.nl waarbij snel geplaatste, maar korte berichten de boventoon voeren. Op de website van NRC Handelsblad zijn de langste video’s te vinden, daar duurt een video gemiddeld meer dan 3 minuten.

De aanbieder met de meeste nieuwstitels met online video’s toont een vrij eenduidig beeld: de onder Mecom vallende websites bevatten zo’n 10 à 14 video’s, met een lengte variërend tussen 105 en 142 seconden. Bij De Persgroep valt met name ad.nl op, waar zowel meer als langere video’s te vinden zijn dan bij de overige onderzochte Persgroep-nieuwstitels.

 

Bronvermelding

Om te achterhalen welke bronnen het meest worden gebruikt, is bij elke video gecodeerd wat de hoofdbron is. Wanneer er sprake is van meerdere bronnen, is als eerste bepaald of het om een eigen productie gaat. Wanneer dit niet het geval is, is gekozen voor de meest prominente bron. De resultaten hiervan zijn in tabel 4 te zien.

Tabel 4. Aandeel video’s per bron (in procenten)

Aanbieder Nieuwstitel Bron Aandeel embedded
Eigen redactie ANP Novum / Zoom.in YouTube Overig /Onbekend
De Persgroep ad.nl 45,5 27,3 27,3 27,3
parool.nl 63,6 36,4 -
trouw.nl 66,7 33,3 -
vk.nl 66,7 33,3 -
Erdee Media Groep rd.nl 100 -
Lux Media nrc.nl 8,3 91,7 8,3
Mecom bndestem.nl 35,7 7,1 21,4 35,7 50
destentor.nl - 38,5 7,7 15,4 38,5 23,1
ed.nl 30,0 10,0 30,0 30,0 50,0
gelderlander.nl 45,5 9,1 9,1 36,4 36,4
pzc.nl 30,8 7,7 23,1 38,5 69,2
tctubantia.nl 35,7 7,1 14,3 42,9 57,1
Metro metronieuws.nl 100 100
Mountain Media depers.nl 100 -
TMG telegraaf.nl 5,9[9] 23,5 17,6 52,9 5,9
NPO nos.nl/nieuws 100 -
Bertelsmann rtlnieuws.nl 100 -
Novum nieuws.nl 100 -
Sanoma Group nu.nl 66,7 33,3 -
Totaal 32,3 25,2 17,3 6,6 18,6 17,0

Zoals in de inleiding van dit hoofdstuk al is beschreven, komt de eigen redactie als bron voor een video nog weinig voor bij de 19 onderzochte nieuwstitels. Logischerwijs geldt voor de websites van de televisiejournaals een uitzondering: 100 procent van de geanalyseerde video’s is duidelijk afkomstig van de eigen redactie.

De websites behorende bij de dagbladen, maar ook nu.nl en nieuws.nl maken op 1 maart 2012 voor een groot deel van hun video’s gebruik van de persbureaus ANP of Novum/Zoom.in. Bij  de titels van De Persgroep is er eenduidig gekozen voor ANP. Mecom richt zich op beide bureaus. Deze aanbieder plaatst tevens video’s die via YouTube beschikbaar zijn gesteld. De redacties van de gratis verspreide dagbladen Metro en De Pers plaatsen alleen video’s van Novum/Zoom.in.

De categorie ‘overig/onbekend’ omvat onder meer de video’s die door de NOS beschikbaar worden gesteld. Met name de regionale dagbladen en nrc.nl maken hier gebruik van.

Het kan voorkomen dat een video niet alleen afkomstig is van een externe bron, maar dat de gebruiker bij het klikken op de video ook doorgestuurd wordt naar de website van een externe aanbieder. In dit laatste geval is er sprake van een ‘embedded’ aangeboden video.

Op de website van Metro worden veel video’s embedded aangeboden: wanneer op deze website een video wordt aangeklikt, start de video in een nieuw venster van videodienst Zoom. in. Andersoortige video’s die embedded worden aangeboden zijn onder meer afkomstig van YouTube en NOS. Voor de meeste nieuwsvideo’s (303 van de 365 video’s) geldt dat deze direct op de website van de nieuwstitel zelf zijn te bekijken.

 

Geografische strekking

Om inzicht te krijgen in het soort nieuwsvideo’s, is onderzocht of de video een gebeurtenis uit Nederland, Europa of elders in de wereld behandelt. Alles bij elkaar genomen is te zien dat de meeste nieuwsvideo’s (53 procent) vooral onderwerpen uit Nederland aansnijden.

Geografische strekking

Op titelniveau blijkt dat op nrc.nl meer dan 80 procent van de behandelde onderwerpen zich in Nederland afspeelt. De andere websites liggen redelijk rond het gemiddelde aantal video’s met een onderwerp dat op Nederland is gericht. De enige uitzondering hierop is de website van het Reformatorisch Dagblad, waar slechts een kwart van de video’s een Nederlands onderwerp behandelt.

De aandacht voor specifiek Europese gebeurtenissen is bij de meeste titels relatief klein. Bij 3 van de 4 titels van De Persgroep is er bij de video’s meer aandacht voor Europese aangelegenheden dan voor zaken die zich afspelen buiten Europa, maar over het algemeen is de aandacht voor Europa minimaal. Bij nrc.nl en nagenoeg alle titels van Mecom zijn er op 1 maart 2012 geen video’s aangetroffen met een Europese inslag. Wereldnieuws daarentegen krijgt over het algemeen meer aandacht. Alle titels hebben hier video’s aan gewijd, met rd.nl, ed.nl, nieuws.nl en nu.nl als koplopers: bij deze titels speelt minimaal de helft van de video’s zich op wereldniveau af.

 

Diversiteit

Om in kaart te brengen over welke onderwerpen een video is geplaatst, is voor dit onderzoek gebruik gemaakt van 18 verschillende categorieën. Van politiek en financieel nieuws tot ongelukken en cultuur.

Er zijn 2 categorieën die veruit de meeste aandacht krijgen: ‘financieel’ met 26,3 procent van alle video’s en ‘human interest’ met 18,4 procent van alle video’s (tabel 5).

Tabel 5. Aandeel onderwerpen en diversiteit per nieuwstitel (in procenten)

Nieuwstitel Onderwerp Aantal video’s Diversiteit
Criminaliteit en veiligheid Defensie Financieel Human interest Ongelukken Politiek Overige
ad.nl 4,5 - 4,5 59,1 - 4,5 27,4 22 0,570
parool.nl 9,1 - 9,1 54,5 - 9,1 18,2 11 0,645
trouw.nl 6,7 - 6,7 53,3 - 6,7 26,6 15 0,632
vk.nl 6,7 - 6,7 60,0 - 6,7 19,9 15 0,587
rd.nl 7,1 14,3 14,3 14,3 14,3 21,4 14,3 14 0,847
nrc.nl 16,7 16,7 66,7 - - - - 12 0,499
bndestem.nl 14,3 14,3 35,7 - 14,3 7,1 14,3 14 0,786
destentor.nl 15,4 15,4 38,5 - 7,7 7,7 15,3 13 0,769
ed.nl 10,0 20,0 40,0 - 10,0 10,0 10,0 10 0,760
gelderlander.nl 18,2 18,2 27,3 - 9,1 9,1 18,1 11 0,810
pzc.nl 7,7 15,4 38,5 - 15,4 7,7 15,3 13 0,769
tctubantia.nl 14,3 14,3 35,7 - 7,1 14,3 14,3 14 0,786
metronieuws.nl - 16,7 5,6 33,3 16,7 5,6 22,1 18 0,778
depers.nl - 20 6,7 26,7 20 6,7 19,9 15 0,800
telegraaf.nl 35,3 11,8 5,9 29,4 5,9 - 11,7 17 0,754
nos.nl/nieuws 7,1 2,4 42,9 6,0 2,4 6,0 33,2 84 0,692
rtlnieuws.nl - 6,1 39,4 15,2 3,0 18,2 18,1 33 0,751
nieuws.nl - 23,1 7,7 15,4 23,1 7,7 23,0 13 0,805
nu.nl 9,5 23,8 9,5 9,5 19,0 14,3 14,4 21 0,839
Totaal 8,5 9,9 26,3 18,4 7,4 8,5 21,0 365 0,823

De berichten met een financiële inslag hebben met name te maken met de bekendmaking van nieuwe cijfers van het CPB. Daaruit blijkt dat er in Nederland vele miljarden euro’s bezuinigd zullen moeten worden. Alle nieuwstitels hebben over dit onderwerp video’s verspreid. De categorie ‘human interest’ bestaat uit nieuws over bijzondere wetenswaardigheden, zoals ‘Kinderen op de foto voor kaarten The Voice Kids’, en nieuws over beroemdheden (‘Zanger van de Monkees overleden’). In deze categorie is ook nieuws over het welzijn van prins Friso opgenomen. Op 1 maart 2012 is de prins na zijn eerdere skiongeluk in Lech overgebracht van het Oostenrijkse ziekenhuis naar een gespecialiseerd ziekenhuis in Londen.

Onderwerpen die op de gekozen dag minder vaak voorkomen, zijn bij elkaar gebracht in de groep ‘overig’. Deze kolom bestaat onder meer uit de categorieën cultuur, educatie, gezondheid & welzijn en sport.

Per titel kan een klein aantal video’s al een grote invloed op een toe- of afname van de diversiteit hebben. De analyse kan daarom niet veel meer dan een indicatie van de diversiteit opleveren.Om de mate van diversiteit statistisch te onderbouwen, is gebruik gemaakt van de diversiteitsindex Simpson’s D. Bij een waarde van 1 zijn alle video’s evenredig over de 18 verschillende onderwerpcategorieën verspreid en is de diversiteit optimaal. De diversiteitscore laat zien dat het aanbod van video’s over de gehele linie met 0,823 divers te noemen is.

Video’s op de site van het Reformatorisch Dagblad bieden met een score van 0,847 de grootstediversiteit qua onderwerpen. Nu.nl, nieuws.nl, de dagbladsites van Mecom, depers.nl, telegraaf.nl en rtlnieuws.nl zijn met een score van meer dan 0,750 ook nog divers te noemen. De onderwerpen op de website van de NOS, de websites van De Persgroep en vooral op nrc.nl zijn verhoudingsgewijs minder divers; categorieën als ‘ongelukken’ komen bij deze video’s in mindere mate voor.

 

Exclusiviteit van het aanbod

Eerder is aan bod gekomen dat er op 1 maart 2012 in 24 uur 365 video’s zijn uitgebracht over 19 nieuwstitels. Bij de analyse bleek al snel dat het hier niet om 365 unieke video’s gaat, maar dat eenzelfde video bij meerdere nieuwstitels voor kan komen. In dat geval wordt deze video meerdere keren meegeteld. Tabel 6 toont per nieuwstitel hoeveel video’s ook op andere sites zijn gevonden. Bij het beoordelen of er sprake is van dezelfde video is gekeken naar de duur van de video, of deze afkomstig is van dezelfde bron en of het gaat om (grotendeels) dezelfde beelden. Indien een video hier niet aan voldoet, wordt deze als exclusief beschouwd.

Tabel 6. Aantal en aandeel exclusieve video’s

Aanbieder Nieuwstitel Aantal niet-exclusieve video’s Aantal exclusieve video’s Aandeel exclusieve video’s in procenten Aantal video’s
De Persgroep ad.nl 15 7 31,8 22
parool.nl 10 1 9,1 11
trouw.nl 15 - - 15
vk.nl 15 - - 15
Erdee Media Groep rd.nl 13 1 7,1 14
Lux Media nrc.nl 8 4 33,3 12
Mecom bndestem.nl 14 - - 14
destentor.nl 13 - - 13
ed.nl 10 - - 10
gelderlander.nl 11 - - 11
pzc.nl 13 - - 13
tctubantia.nl 14 - - 14
Metro metronieuws.nl 14 4 22,2 18
Mountain Media depers.nl 14 1 6,7 15
TMG telegraaf.nl 5 12 70,6 17
NPO nos.nl/nieuws 11 73 86,9 84
Bertelsmann rtlnieuws.nl - 33 100 33
Novum nieuws.nl 12 1 7,7 13
Sanoma Group nu.nl 19 2 9,5 21
Totaal 226 139 38,1 365
Van de 365 nieuwsvideo’s die gevonden zijn op de 19 websites, zijn er 139 die slechts op 1 website zijn aangetroffen. Dit betekent dat 226 video’s op minimaal 2 websites zijn gesignaleerd.

Alleen op de website van het RTL Nieuws zijn alle beschikbare video’s op 1 maart 2012 exclusief; geen enkele andere nieuwstitel heeft een video die ook bij RTL is geplaatst. Bij de website van de NOS is te zien dat 11 van de 84 niet exclusief zijn. Dit is te verklaren uit het feit dat de NOS als nieuwsdienst haar video’s ook aan andere titels aanbiedt, waardoor de  video’s op meerdere websites kunnen voorkomen. Zo heeft nos.nl/nieuws een aantal video’s gemaakt omtrent de bekendmaking van de CPB-cijfers. De NOS-verslaggever vraagt hierin verschillende politici om een reactie op het uitkomen van de cijfers. Bij meerdere titels zijn deze video’s terug te vinden.

Op de derde plaats qua aandeel exclusieve berichten staat telegraaf.nl. Bij deze website wordt 70 procent van de video’s niet op een andere website aangeboden. Bij 8 titels is geen enkele nieuwsvideo exclusief. Met name de titels van Mecom en De Persgroep maken onderling gebruik van dezelfde video’s. Bij de webonly diensten nieuws.nl en nu.nl wordt slechts een klein percentage van het aantal video’s exclusief op de website aangeboden, respectievelijk 7,7 en 9,5 procent.

 

Conclusie

In de inleiding van dit hoofdstuk is op basis van diverse uitspraken de verwachting geuit dat ook de Nederlandse online nieuwstitels gebruik zullen maken van nieuwsvideo’s, maar dat deze veelal afkomstig zullen zijn van externe aanbieders. De resultaten van het onderzoek op 1 maart 2012 bevestigen deze verwachting.

In totaal zijn 19 nieuwstitels behorende bij 11 aanbieders onder de loep genomen. Gezamenlijk hebben zij 365 video’s gebracht. De van oorsprong dagbladuitgevers De Persgroep en Mecom hebben de meeste titels die aan de gestelde criteria voldoen. Zij hebben de onderzochte dag in totaal respectievelijk 63 en 75 video’s op hun websites aangeboden. De website behorende bij het NOS Journaal heeft met een aantal van 84 de meeste video’s gebracht.

Gezamenlijk zorgen de nieuwstitels gemiddeld voor een half uur aan bewegend beeld. Deze beelden zijn voornamelijk afkomstig van persbureaus als ANP en Novum/Zoom.in, maar ook de NOS levert een deel van het aanbod van verschillende titels. De NOS is daarbij een van de weinige nieuwstitels die de geplaatste video’s in eigen huis produceert.

Ook in Nederland zijn video’s op nieuwssites in opkomst en naarmate de websites een groter bereik hebben, neemt het aantal video’s toe. Dit betekent echter nog niet dat video’s aan een groter bereik bijdragen. Dat zal in de toekomst moeten blijken.

 

1. Zie http://www.tubemogul.com/marketing/whitepaper-online-video-and-media-industry-q3-2010.pdf
2. Julia Schmid (2008). Bewegte Zeiten. Das Online-Video-Angebot von deutschen Zeitungen. Konzepte, Produkte, Erlösmodelle/ Onderzoek in opdracht van Bundesverband Deutscher Zeitungsverleger e.V., de Duitse uitgeversverbond.
3. Zie http://www.denieuwereporter.nl/2006/10/eigen-videonieuws-steeds-belangrijker-voor-online-kranten/
4. Zie http://www.denieuwereporter.nl/2010/12/in-vs-meer-video-op-krantensites-dan-bij-sites-omroepen/
5. Marco van Kerkhoven en Piet Bakker (2010). De convergentie-praktijk. Verkenning naar positie, strategie en digitale toekomst van regionale nieuwsmedia in Nederland [Working Paper, http://hbo-kennisbank.uvt.nl/cgi/hu/show.cgi?fid=24780]
6. Dit onderzoek is als stage uitgevoerd door Jacky Schouwenburg, onder leiding van 2 onderzoekers.
7. De gesprekken zijn in het voorjaar van 2012 gevoerd met M. van Loon, Digital hoofdredacteur ‘Popular Newssites’ eindverantwoordelijk voor ad.nl, hln.be en 7sur7.be en C. Rosman, coördinator Multimediaredactie Dagblad BN/DeStem.
8. Het totaal aantal toegevoegde video’s is in deze figuur 328. Dit wordt veroorzaakt doordat bij de video’s op de website van RTL Nieuws veelal geen tijdstip is genoemd.
9. Bij de video’s op telegraaf.nl is ervoor gekozen te kijken of een tweede bron bestaat naast de eigen redactie en als dit het geval was, werd deze tweede bron gecodeerd. De reden hiervoor is dat telegraaf.nl alle video’s presenteert als zijnde afkomstig van de eigen redactie, terwijl ook veel andere bronnen gebruikt worden. Dit zou een vertekend beeld opleveren voor het brongebruik van de nieuwsvideo’s op telegraaf.nl.

Deel deze pagina